dinsdag 22 mei 2012 De verbindende schakel in fotografie
Dutch Doc
Vorige Volgende
15 juni 2011 »
door Bert Sissingh

Jan Banning bepleit in zijn opiniestuk Dutch Doc en de ondermijning van het begrip ‘documentaire fotografie’ strakkere grenzen voor dit genre. Bert Sissingh laat in een reactie de termen fundamentalisch, pijnlijke zelfoverschatting en ‘imponerende fotoserie Bureaucratics’ vallen om uit te komen bij zijn nominatie voor de Dutch Doc Award van volgend jaar: Paulien Oltheten.
 

De onvergetelijke John Cage woonde ooit een uitvoering bij van muziek van Igor Stravinsky. Het orkest stond onder leiding van niemand minder dan maestro Stravinsky zelf. Op de stoelen achter Cage zaten een vader en zijn zoontje, die zich kennelijk goed op het concert hadden voorbereid door naar een plaatopname van het uit te voeren werk te luisteren. Want, zegt het jongetje in de pauze op verontwaardigde toon tegen zijn vader: That is not how it goes!

Het artikel van Jan Banning over de al of niet terecht genomineerde projecten voor een documentaire fotografieprijs echoot het bozige commentaar uit Cage’s anekdote, als hij op een nogal selectieve wijze aan de hand van historische voorbeelden het begrip ‘documentaire fotografie’ lijkt te willen omgrenzen en terug te voeren tot de usual suspects uit de Amerikaanse sociaal-emancipatorische traditie (Riis, Hine en de FSA fotografen).
 
Je moet wel in een erg fundamentalistische tak van de linkse kerk zijn opgegroeid wil je anno 2011 de titel ‘documentaire fotografie’ exclusief opeisen voor fotografen met een drang om bij te dragen aan verandering of op zijn minst onderkenning van wezenlijke wereldproblemen. Dat is niet alleen een miskenning van de documentaire traditie zelf, maar ook en vooral een nogal pijnlijke zelfoverschatting van de invloed die ‘de’ fotografie überhaupt nog uitoefent in een übergemediatiseerde wereld bij het oplossen van maatschappelijk leed en andere ongemakken.
 
Want heeft het niet iets hopeloos anachronistisch en Don Quichotterigs om uitgerekend net rond ‘World Day Against Child Labour’ ook maar te overwegen om aan dat hardnekkige ‘wereldprobleem’ een einde te maken door er een fotograaf op af te sturen? Als je de cijfers leest heb je wel meer dan één Jacob Riis en één Lewis Hine nodig om dat allemaal weer recht te breien.
 
Wat echter nog het meest opvalt is dat een begaafd fotograaf als Banning zich kennelijk niet helder bewust is in welke traditie hij nu eigenlijk zelf zijn fotografie bedrijft. Hij zou er goed aan doen de notabene door hemzelf aangehaalde Allan Sekula er nog eens op na te lezen, met name diens briljante verhandeling ‘The Body and the Archive’ uit 1986, of toch in ieder geval een aantal conclusies ervan. Want na een diepgravende analyse van (onder veel meer) de einde 19e eeuw door Bertillon ontwikkelde (op fotografie geënte) criminologische (pseudo)wetenschap van de anthropometrie, concludeert Sekula dat het ontstaan van een documentaire fotografie op directe wijze in verband staat met juist die archiverende fotografiepraktijken in de opkomende ‘sociale’ wetenschappen van de vorige vorige eeuw.
 
In de zelfbewuste toeëigening van dit archiverend ‘paradigma’, door uiteraard de twee aartsvaders van de documentaire traditie, August Sander en Eugène Atget, maar ook nadrukkelijk door de onvergetelijke Walker Evans, wordt volgens Sekula de basis gelegd voor de fotografie als modernistische kunstvorm, wat er (na een lang traject) uiteindelijk toe zal leiden dat op zeker moment in Utrecht een prijs zal worden uitgereikt voor de beste fotografische documentaire, waarbij het prijzengeld integraal beschikbaar is gesteld door een fonds voor de beeldende kunst.
En de verbazing over Bannings miskenning van de eigen genealogie wordt alleen maar groter als we diens imponerende fotoserie Bureaucratics in ogenschouw nemen. Want deze imposante voetnoten bij Sanders Kassierer in einer Sparkasse, 1928 (Gruppe IV/20/9) bekoren ons natuurlijk niet alleen door de briljante typering, kadrering en (vooruit) een snufje exotische couleur locale, maar toch vooral door de dubbel-ironische omkering, waarbij deze ‘poortwachters van de archieven’ op Becheriaanse wijze worden ingeschreven in het grote archief van de Fotografie zelf.
 
Schril contrast met deze hilarische ‘Let us now praise famous bureaucrats’ benadering vormt daarentegen Banning’s recentere serie Comfort women / Troostmeisjes, waar de fotograaf iedere ironie weer overboord zet en hij, bespookt door zijn ‘mal d’archive’, op verbeten wijze de slachtoffers van toen in een nogal bizarre claustrofobische studiosetting tot slachtoffers voor de eeuwigheid probeert te brandmerken en waarbij het net lijkt of de wrede Japanse bezetter elke nacht nog even langs komt om in de gezichten van de inmiddels bejaarde vrouwen opnieuw het tracé van de inmiddels onvindbare Birmaspoorlijn te kerven.
 
Dan begrijpen we de opgeheven vinger waarmee Banning plaats neemt achter zijn bureau om de nominaties van de DutchDocAwards te bekritiseren opeens veel beter. En dan met name als hij het project van WassinkLundgren op de korrel neemt door hun genomineerde project te typeren als een ‘terloops’ en ‘plezierig’ maar niet bijzonder goed en zonder uitgekiende timing in beeld gebracht fotografisch verslag van hoe in de buitenlucht van Tokio vertoevende Japanners door de aanwezigheid van twee camera’s in verwarring gebracht worden. Nu ben ik zelf ook niet helemaal overtuigd of WassinkLundgren met hun aanpak het wat versleten genre van de straatfotografie nog van de ondergang zullen redden, maar hun inspanningen hebben zeker onze sympathie, want ondanks het feit dat de jongens iets teveel door het venijn van hun idool Martin Parr lijken te zijn aangeraakt, zijn het toch zeker aardige jongens (ik noem ze in gedachten inmiddels liefkozend de Cartier&Bresson van de Nederlandse fotografie) en ik laat mij toch steeds weer met veel fotografisch genoegen net als die lieve Japanse oudere dame door die overijverige Japanse agent op documentaire wijze het bos in sturen.
 
Maar wat mij uiteindelijk nog het meest verbaasd heeft rond het hele Dutch Doc Award gedoe is dat nu al voor de tweede keer het werk van Paulien Oltheten schittert door afwezigheid op de shortlist van kanshebbers op de prijs. Want als iemand de documentaire Nederlandse fotografietraditie op originele wijze nieuw leven in heeft geblazen, dan is zij het toch wel en het is moeilijk te bevatten dat de verzamelde poortwachters en juryleden kennelijk blind zijn gebleven voor de kwaliteiten van haar verfrissende benadering.
 
Het is gelukkig nog niet te laat, want de Grote Bezuinigingen gaan gelukkig pas in 2013 hun slachtoffers eisen, dus nog één keer krijgt DutchDoc de kans dit verzuim goed te maken. Na de nogal van dik-hout-planken-zagende concerned photography van de twee eerste (mannelijke) prijswinnaars maakt Galerie Sissingh bij deze zijn nominatie voor volgend jaar al bekend. Het valt alleen niet te hopen dat Jan Banning voor een tweede maal gevraagd wordt om als poortwachter op te treden. Want zijn reactie op de eveneens in de buitenlucht van Tokio vertoevende Japanners van Oltheten valt niet moeilijk meer te voorspellen:
That is not how it goes!
 
 
 
Discussie Dutch Doc:
Frank van der Stok interviewt Jan Dietvorst: Met open vizier kijken
 
Plaatsen/Stemmen op:  

Reacties (6)

1. Michael Kooren op Woensdag 15 juni 2011 20.37
Leuk stuk, goed geschreven. Maar voor welke doelgroep eigenlijk . De modere fotografen? of de oudere garde. Door het goede , maar uiterst bombastische taalgebruik, met om de drie woorden een prachtig scrabble woord, denk ik dat de meeste ( documentaire ) fotografen snel doorzappen naar een volgend artikel. Helaas, want de bedoeling is zonder meer goed, maar ik denk dat het voor een heel kleine academische vriendenclub geschreven is.

2. Rob Wetzer op Donderdag 16 juni 2011 13.29
Waarom (documentaire) fotografen dit niet zouden willen lezen omdat Sissingh een paar moeilijke woorden wenst te gebruiken is me werkelijk een raadsels.. Dat zou getuigen van wel erg weinig professioneel besef van onze beroepsgroep. Wat me ook verbaasd is dat nog niemand (inclusief Jan Banning zelf), in relatie tot het eerste stuk (van Jan Bannin) zijn deelname aan de jury van vorig jaar heeft aangekaart. Want los van wat iemand vind van het werk van Jeroen Kramer, is dat dan wat het wel zou moeten? Is dat het soort werk dat Banning beloond wil zien met deze prijs? En zo niet, waarom dan niet vorig jaar al een aanklacht? Als onderdeel van de toenmalige jury had dat meer indruk kunnen maken. Als ex jury-lid een jaar later in opstand komen.. Ik weet het niet.

3. Rob op Donderdag 16 juni 2011 13.30
En met excuus voor de typfouten.

4. Robert Glas op Zaterdag 18 juni 2011 21.08
Ja Micheal, het is wat minder toegankelijk toegankelijk dan de ZOOM, dat risico loop je wanneer je een inhoudelijk gedegen (dat betekent: 'goed') stuk schrijft.

5. Michael Kooren op Zondag 19 juni 2011 22.39
@ Robert, Uiteraard bereik je een ander publiek dan in de Zoom , maar ik stel alleen dat je je doelgroep ( alle fotografen ), zo de schrijver van dit stuk dat al wil, niet gaat bereiken met een dergelijke schrijfstijl. Ikzelf vind het prima, want ik ben nog van de generatie die een boek leest. Ik heb ook niet ontkend dat het geen goed stuk was, alleen met het taalgebruik, hoe mooi dan ook geschreven, bereik je een te kleine groep. Overigens staan in Zoom genoeg niet te pruimen stukjes.

6. Jos Van Hecke op Maandag 12 december 2011 14.45
Zó zalven en slaan tegelijk, dat kan alleen de Paus(uit Rome)nóg beter. Voor het overige klinkt het als Latijn - ceterum sonat Latinum - als een oratio in excelso per excellentiam waarvan men na geconcentreerde lezing stilletjes denkt en hoorbaar zucht: als ik nu zou kunnen snappen waar de redenaar henen wille, dan zoude ik vandaag iets hebben bijgeleerd. Helaas, driewerf helaas! Alleen hedendaagse artiesten, bij de tijd, de mode en de pinken zijnde galeristen alsmede verstokte galenisten schijnen - evenzoals de eeuwige charlatan - in staat om 'niets' als 'iets' te laten lijken. Een spelletje Notabele Namen Noemen kan wonderen doen, zoals een vlag die zijn lading niet dekt, comme nous fait croire le foulard de passe-passe de Gaspard.

Plaats een reactie

Maximaal 2000 tekens, 2000 tekens over.

 
Archief
© 2008 - 2012 PhotoQ | Contact | Colofon | Development by IDCA Technologies