Werf
| Vorige | Volgende |
30 december 2011 »
Schrijven over Dirk Braeckman is een fotografisch plezier. Het is schrijven over de essentie van de fotografische paradox. Omdat hij de essentie zo duidelijk kan vatten in zijn fotowerk vroeg ik hem in het verleden jarenlang als gastdocent in HISK-Antwerpen. Hij ondersteunde gevat onze missie dat posthogeschoolvorming een essentiële participant moest zijn aan het artistieke debat door permanent een breed discours te organiseren. Merkwaardig was dat hij dat soms op zijn eentje kon bewerkstelligen. Ik reisde met Braeckman ook samen naar Fotofest Houston en zag hoe hij daar zijn werk uitrolde voor de grootste curatoren ter wereld en hen met zijn beelden ontroerde. En ’s avonds was het rock and roll bij de tientallen vernissages in het toen door het Enron-schandaal geteisterde Texas.
Met de tentoonstelling (en het bijhorende boek) van Dirk Braeckman heeft men een schitterende discours-platform om het statuut van de fotografie verder uit te diepen. Ik moest glimlachen toen ik bij het begin van de expo in het Stedelijk Museum M van de provinciestad Leuven links het infobord zag met enige duiding over Braeckmans werk en rechts drie grote kruisbeelden. Lijden, seks, sensualiteit en de proeven van liefde: de toon is gezet.

Braeckman begon zijn carrière met portretten en zelfportretten. Later koos hij als onderwerpen voor zijn zwart-witfoto’s verlaten plekken en lege ruimtes, lichaamsdelen, oppervlaktes van werktafels, muren en bedden. Fragmenten worden uitvergroot en nemen een dimensie van een allesomvattend stilleven aan. Met vage omtrekken wil het uitvergrote detail een puur en essentieel, universeel en anoniem beeld vangen. Door de directe aandacht voor het detail wordt het minuscule verheven tot sferische dimensies van de afbeelding. De beelden zijn transparant maar suggestief: men herkent een persoonlijk verhaal achter de grote, kaderloze, zwart-witte, maar hoofdzakelijke grijze foto’s.
Braeckman is een boeiend kunstenaar die een beeldtaal hanteert die veel te maken heeft met de zuivere poëtische verbeelding. Braeckman is iemand die zijn beeldende bekommernissen integreert in zijn foto’s die hij ziet als een zoeken naar een menselijk moment, waarbij de anekdote wordt uitgesloten. Hij kiest voor het monumentale van een spanningsveld tussen mensen die geperst zitten tussen het kwellende en het eenzame. Dit alles in doorleefde interieurs of in een bevreemdende buitenwereld.
Zijn foto’s klasseren in thema’s als abstract, realistisch of kunstfotografie zou geen rekening houden met de fundamentele fenomenologische relatie die aanwezig is in zijn werk. Er zijn geen twee verschillende relaties tussen het oog (of het objectief) en om het even welk object.
De foto’s van Braeckman, tussenliggend voorwerp van kennis, hebben steeds verwarring gezaaid tussen onderwerp en voorwerp. Fotograferen is een handeling in twee richtingen, vooruit en achteruit. Een foto is altijd een dubbel beeld, hij toont zijn onderwerp en ook hetgeen erna komt, de weerslag, het beeld van diegene die fotografeert op het moment dat hij de foto neemt. Bij Braeckman zijn er zelden volledige ruimtes, het zijn ruimtes die men geïsoleerde ruimtes kan noemen. Er is bijvoorbeeld een hoek, de hoek van een hotelkamer. Later zien we een andere hoek, of een deel van de wand. Het lijkt alsof de ruimte van Braeckman uit een reeks stukjes bestaat waarvan het verband niet op voorhand bepaald is. Er zijn fotografen als Gursky en Burtynsky die daarentegen volledige ruimtes gebruiken. Ik zeg niet dat dit laatste gemakkelijker is. Er zijn zodanig veel ruimtes in fotografie. Ik vermoed dat Braeckman een van de eersten was om een ruimte te maken met kleine stukjes waarvan het beeld niet op voorhand bepaald was. In alle gebieden van creativiteit is er een limiet aan ruimte/tijd, in zijn fotografie is er enkel ruimte/tijd. Deze kleine visuele ruimtes zin met elkaar verbonden door het anonieme licht dat hij steeds gebruikt om te temperen. En dat is geen theorie, dat is filosofie. Dat leidt je zomaar niet af. Een artiest is geen mens die voor het plezier werkt, hij doet dat omdat hij het absoluut nodig heeft. Het type ruimte van Braeckman en het fotografisch valoriseren van het anonieme licht in het beeld, alsook de relatie tussen die kleine stukjes ruimte kunnen slechts met elkaar verbonden worden door de essentie van ‘het zijn’, van ‘het fotograaf-zijn’. Wellicht is Braeckman de fotograaf die in fotografie de aftastende waarde heeft uitgevonden.
–
De tentoonstelling Dirk Braeckman is nog t/m 8 januari 2012 te zien in Museum Leuven
Plaatsen/Stemmen op:
















Reacties (1)
Plaats een reactie
Maximaal 2000 tekens, 2000 tekens over.