Oog in Oog
| Vorige | Volgende |
13 november 2009 »
Het gevaar van blikvernauwing is levensgroot in de kunst. Het isolement, vaak een bron van inspiratie, kan een levensgrote last worden.
Je kijkt in je hoofd, maar er is niets te zien. Je probeert beter en verder te kijken, maar ook dat levert niets op, behalve hoofdpijn. In zulke situaties is een opdracht een verademing. Vooral een opdracht uit onverwachte hoek.
Tegels? Ik had er nooit over nagedacht tot het Tegelmuseum in Otterloo, bij monde van de directeur, Martin van Meurs, me vroeg om tegels op een ongewone manier te fotograferen.
Mijn eerste opwelling was om nee te zeggen. Tegels? Was dat niet net zoiets als de kaas, de boter, de tulpen en de klompen waarmee Nederland zich in het buitenland probeert te profileren?
Van dat Frau Antje gedoe?
Niets is minder waar. Ik heb al mijn vooroordelen in moeten slikken. Het Tegelmuseum is een schatkamer.
Tegels uit Nederland. Ze zijn de hele wereld over gegaan. Uit de klei getrokken. Beladen met schoonheid, passie en, ja, vertedering. Wat een rijkdom. Wat een weelde. En wat doen we er mee? In het ernstigste geval flikkeren we ze gewoon weg. Een oud pand wordt afgebroken, om plaats te maken voor een doorzonwoning, in het kader van de moderniteit en de vooruitgang, en de tegels verdwijnen in de container. Schande. Gelukkig schijnen we door schade en schande wijs te kunnen worden. Dat is een oude tegeltjeswijsheid. Hopelijk liggen niet alle tegeltjes waar dat op vermeld staat in de container.
Werk in opdracht. Gemaakt voor het Tegelmuseum in Otterloo.
Tentoonstelling gepland voor maart en april 2010
Plaatsen/Stemmen op:











Plaats een reactie
Maximaal 2000 tekens, 2000 tekens over.