dinsdag 22 mei 2012 De verbindende schakel in fotografie
Oog in Oog
Vorige Volgende
17 december 2008 »
door Rommert Boonstra

Het is prettig als beeldende kunst inderdaad beeldend is. De tentoonstelling Questioning History in het Nederlands Fotomuseum te Rotterdam is dat niet.

Her en der hangen flinke lappen tekst die de kijker uit moeten leggen wat hij ziet en hoe hij het geziene moet interpreteren. Men wordt educatief en belerend toegesproken. Dat maakt de foto’s voor het merendeel tot illustraties bij een verhaaltje.
 
Gelukkig zijn er ook een paar kunstwerken die wel op eigen benen kunnen staan. De film van Roy Villevoy en Jan Dietvorst bijvoorbeeld, over een groepje mannen dat over de doodstille slagvelden van de Eerste Wereldoorlog zwerft, op zoek naar oud wapentuig, is van een verbijsterende schoonheid. Ze leven nog steeds in de lange slagschaduw van wat in Frankrijk La Grande Guerre wordt genoemd. Er vallen zelfs nog slachtoffers als bommen plotseling wakker worden uit een lange slaap en alsnog besluiten om te doen waar ze voor gemaakt zijn. Questioning History en dan als antwoord BOEMMM horen.

Zelf lever ik bij dezen ook een bijdrage aan de tentoonstelling. Ik leg u eerst even uit hoe u naar bovenstaande foto moet kijken. In de eerste plaats is dit beeld een verwijzing naar de oneerlijke machtsverhoudingen in de decadente tijden van het laat-kapitalisme. Dat meisje danst er vrolijk en stralend op los terwijl toch al overbelaste mannen het zware werk moeten doen. De glitterbol aan het plafond staat voor de betekenisloosheid van het moderne bestaan. Het water refereert aan de zondvloed. Spoedig zal het tot aan de lippen staan. Maar daarbij zal het niet blijven. De sprookjesachtige achtergrond tenslotte is een hommage aan Mondriaan en Cecil B. deMille.
 
Plaatsen/Stemmen op:  

Reacties (6)

1. Tom op Vrijdag 19 december 2008 12.38
U heeft de tentoonstelling duidelijk niet kunnen begrijpen. Die 'lappen tekst' zijn geen belerende woorden over hoe het werk geïnterpreteerd moet worden; het geeft meer inzicht in het werk, waarna je als kijker juist door het werk vervolgens te bekijken bij jezelf te rade kunt gaan wat geschiedenis inhoudt, hoe die geschiedenis doorgaans wordt overgebracht, en hoe je er ook anders naar kunt kijken. Het is een intelligente expositie waarbij je als kijker uitgedaagd wordt kritisch stil te staan bij vastgestelde gegevens uit de geschiedenis, die vaak simpelweg enige introductie behoeven. Een tentoonstelling die tijd vergt van de kijker, en bovenal verbeeldingsvermogen. Meer dan een gemiddelde tentoonstelling wordt de kijker zélf uitgedaagd. Het beeld roept op tot verbeelding voorbij het beeld, voorbij de cliché-geschiedenis. U schrijft: "prettig als beeldende kunst inderdaad beeldend is." Beter is het als het ook nog eens verbeeldend is. Iets wat u niet heeft kunnen, of willen zien.

2. rommert boonstra op Zaterdag 20 december 2008 14.36
beste tom, ik ben hals over kop terug gerend naar het fotomuseum. had ik iets over het hoofd gezien? zou ik mijn mening moeten herzien? neem nou broomberg en chamarin. zou ik ze nog een kans moeten geven? ze hebben op diverse plekken in afganistan rollen fotopapier open gerold en 20 seconden aan het zonlicht blootgesteld. iedere fotograaf kan vertellen wat daar het resultaat van is. of je dat nu in afganistan doet of in lutjebroek. -het eindresultaat ontzegt de kijker het catharsiseffect dat normaal gesproken wel geboden wordt door de conventionele taal van de fotografie- zegt de tekst. ook is er opzettelijke afwezigheid van inhoud-. ik kreeg opeens een diep verlangen naar catharsiseffecten en inhoud. ik hoop dat u daar begrip voor kunt opbrengen.

3. Nickel van Duijvenboden op Maandag 22 december 2008 13.46
Wat ik jammer vind aan je reactie is dat er echt wel meer te bespreken valt dan dit. Als je een tentoonstelling bespreekt van zo'n omvang en productietijd, dan heb je als bespreker in mijn ogen een verantwoordelijkheid om genuanceerd te zijn. Ikzelf heb nauwelijks aandacht besteed aan de zaaltekst. Ik heb me vooral ongedompeld in de prachtige (vaak nieuwe) werken van Gert Jan Kocken, David Claerbout en Matthew Buckingham. Ergernis aan de zaaltekst mag nooit een excuus zijn om de werken op een tentoonstelling niet te bespreken voor wat ze zijn.

4. rommert boonstra op Maandag 22 december 2008 14.36
1. omvang en productietijd doen voor de kijker, niet ter zake. 2. mijn kritiek is dat het het meeste werk niet beeldend genoeg is om zonder uitleg te kunnen. de tekst maakt zich groter dan de foto. 3. nog een voorbeeld- het werk van joachim koester. hij maakte een paar weinig opvallende foto's van vervallen huizen in een ruig gebied. wat die foto's interessant moet maken is de tekst. de bouwvallen blijken onderkomens te zijn geweest van de beruchte manson-family. ze leggen, aldus de tekst, een relatie met amerika's verleden van kolonisatie en ruig individualisme .... nou ja.

5. Nickel van Duijvenboden op Maandag 22 december 2008 15.25
Ik blijf bij mijn eerdere stellingname. Wat ik in reactie op jouw punten nog toe wil voegen, is dat je niet slechts een "kijker" bent, maar kritiek bedrijft. Daar bestaan ook kwaliteitseisen voor. En ik zeg iets over de kwaliteit van jouw kritiek.

6. rommert boonstra op Maandag 22 december 2008 19.10
beste nickel, discussieren is een beetje moeilijk als je niet op mijn bezwaar tegen de tentoonstelling ingaat.

Plaats een reactie

Maximaal 2000 tekens, 2000 tekens over.

 
Archief
© 2008 - 2012 PhotoQ | Contact | Colofon | Development by IDCA Technologies