Nächstes Mal mehr
| Vorige |
13 september 2009 »
1 juli 2009: 10.44 83% batterij op de laptop. Momenteel zit ik naast een voor mij onbekende Tsjechische chauffeur die mij van Praag naar Berlijn brengt met een grote gammele Volkswagenbus.
Ik had gedacht: “ik huur wel een busje van Europcar, die je dan zelf in Praag ophaalt en dan weer in Berlijn terugbrengt, maar een kunsttransport bleek vreemd genoeg goedkoper te zijn, dus nu laat ik mijzelf maar vervoeren samen met mijn spullen. Op de valreep nog mijn allermooiste plant, die ik 3 maanden met liefde verzorgd in mijn atelier meegenomen uit de Meetfactory , zodat ik alvast leven heb in mijn aankomende, nu nog onbekende nieuwe onderkomen in Berlijn. Er is een einde gekomen aan 3 maanden residentie in de gekke fabriek. En sowieso kijk ik wel weer uit naar wonen en werken buiten een instituut, want 15 maanden achter elkaar was intensief. Veel meegemaakt, geleerd, hard gewerkt, ik voel me een volgezogen spons en zo ga ik met alle indrukken de zomer van Berijn in. De afgelopen maand ben ik veel heen en weer naar Nederland geweest vanuit Praag, omdat het nauwelijks vol te houden was. Eergisteravond kwam ik om 3 uur ‘s nachts aan in de uitgestorven fabriek. Ik was er echt helemaal alleen, alle andere residents zijn hem al weken gesmeerd, omdat na onze expositie in begin juni ‘de vibe’ er wel een beetje uitgeslagen was..
Ik kwam alleen nog even terug om in te pakken en een klein afscheidsetentje te doen en weer te gaan. Toen ik aan kwam bleken mijn keukenkastjes en al mijn spullen uit de koelkast gestolen te zijn, alles was leeggeroofd, inclusief pepermolen, een jaren 50 Hema blik vol verschillende soorten thee, allerlei kookgerei en Aziatische pasta’s, espresso. Van alles en nog wat. Inmiddels was ik hier wel aan teleurstellingen gewend geraakt, maar dit gaat wel ver, een stuk kaas of worst uit de koelkast omdat je midden in de nacht honger hebt, daar kan ik me nog iets bij voorstellen, maar al deze equipment, vrij ongelooflijk dat je zoiets doet. Maar goed het zijn maar spullen, waar heb ik het over? Zeker nu ik een sprong in de tijd maak en weer verder schrijf op 4 september 2009.
Van Praag naar Berlijn naar Leipzig naar Berlijn naar Rotterdam naar Berlijn naar Keulen naar Bologna naar Ancona&Puertonova naar Venice en wieder naar Berlijn. De tijd gaat rustig door en een aantal verhuizingen verder schrijf ik nu mijn laatste column vanuit Berlijn. Wat blijft er hangen als je terug denkt aan de laatste twee en halve maand? Het antwoord wat me nu het eerste te binnen schiet is het Mexicaanse paviljoen op de biënnale van Venetië; Therese Margolles: “What else could we talk about?”
“Na te lang in de stad gezocht te hebben naar alle verborgen locaties , die naast de twee hoofdlocaties over de hele ‘doolhof stad’ verspreid, stapte ik samen met mijn vriendinnen eindelijk de locatie van het Mexicaanse paviljoen binnen.’ Dit was een Venetiaans paleis uit de zestiende eeuw. Het was de allerlaatste expositie die we bezochten, want na drie dagen lang intensief kunst passeren en absorberen konden we ook bijna niet meer. Zonder de introductietekst te lezen, liepen we de eerste zaal binnen, die leeg oogde en vooral indruk maakte door de decoratieve aankleding van de voormalige dans/eet/slaapzaal. Er hingen een paar vlaggen op het balkon, waaronder één van de EU en een hele vuile, dat zou wel eens een kunstwerk kunnen zijn en ik liep naar het bordje met erop een beschrijving van het werk in de lege paleiszaal. Ik voelde me al vanaf binnenkomst vrij ongemakkelijk in de ‘conceptuele leegte ‘ en ook de sfeer en geur die er in het palies hingen droegen bij aan dit onaangename gevoel. Ik keek nog even in de volgende 2 zalen, waar in beiden een schoonmaakmop stond: neergezet met een soort nonchalance van: ‘er is hier net gedweild’. Dat moest iets betekenen en ik las de bijschriften. Ik begon te lezen en mijn gevoel veranderde intens, mijn maag draaide bijna om, wat angstig keek ik naar beneden, naar mijn voeten, naar de voeten van mijn vriendinnen, naar de suppoost….
De vlag die op het balkon hing was gemaakt van stof die het bloed van geëxecuteerde mensen in zich droeg. Met een lap stof had de kunstenares op de plaats van de executie als het ware het bloed ‘op gedweild’ en doordat deze vlag al 3 maanden in de brandende zon op het balkon in Venetië had gehangen, waren de vlekken, die eruit zagen als een mislukte batikprint, groen bruin geworden. De eeuwenoude golvende houten kraakvloer waarop we liepen bleek net gedweild te zijn met water met daarin ook het bloed van geëxecuteerde Mexicanen, wat de kunstenares Therese Margolles (1963) had verzameld. De vele executies zijn inmiddels onderdeel van het alledaagse leven van de Mexicanen. In 2008 zijn er omstreeks 5000 doden gevallen als gevolg van de ‘drugsoorlog’.
Voor haar werk reisde Margolles vele malen af naar de plekken waar wederom iemand geëxecuteerd was , het lijk was meestal net opgehaald door de politie, waarop zij met stukken katoenen stof de plaats van de executie ‘schoon maakte’. In de kelder van het paleis, waar de expositie was, hing een enorme doek van 8 meter breed, die kunstmatig nat werd gehouden tijdens de duur van de expositie, zodat de vuile modder en de bloedresten van het doek afdruppelde en opgevangen konden worden in een reservoir. Met deze substantie werden tijdens de hele duur van de Biënnale (6 maanden) dagelijks alle vloeren van het palies gedweild.
Mijn vriendin merkte, toen we gezamenlijk naar de vloeren en onze voeten die erop stonden keken, precies het juiste op. Normaal gesproken blijft deze ‘Mexicaanse drugsoorlog’, ook al vind je het gruwelijk wanneer je er iets over leest of ziet op het nieuws, toch een beetje ‘een ver van je bed show’. Maar nu je er zelf als het ware onderdeel van uitmaakte, doordat je letterlijk op het bloed en de modder van de plek waar het gruwel zich af heeft gespeeld, stond en liep. Kwam ook het gevoel van het lot van alle mensen die iemand verliezen door het geweld, heel direct bij ons binnen. De emotionele impact van het werk was reusachtig: vreselijk naar, beangstigend en indringend en ontzettend bewust makend.
Toen we even later nog aan de balie stonden te bladeren in de catalogus bleek ook deze een kunstwerk te zijn: het bureau was gemaakt van cement vermengd met vocht vanuit geëxecuteerde mensen. Ook bleken er nog ergens in een kluis verstopt in de expositie, sieraden te liggen die gemaakt waren van stukjes glas die Margolles gepakt had uit de ramen die gebroken waren tijdens schietpartijen. De sieraden waren van hetzelfde design als deze die de drugsbaronnen laten maken door zelfs dezelfde sieradenmaker. Slechts de diamanten waren vervangen door het glas. Eén ander werk hebben we gemist, maar eigenlijk toch misschien ook niet gemist. Tijdens het openingsweekend van de Biënnale zijn er 10.000 geplastificeerde kaartjes uitgedeeld zoals je hieronder ziet

waarmee je gemakkelijk je cocaïne kunt verdelen voordat je je lijntje snuift. In 2007 sponsorde het koffiemerk ILLY de Biënnale van Venetië nog en hielp je met gratis espressoshots op de been tijdens de uitputtende wandelingen over de biënnale.

Maar dit jaar sponsorde ILLY klaarblijkelijk niet meer, maar verzorgde het Mexicaanse paviljoen dus de afstotelijke illusie om je met een lijntje Buma op de been te houden en tegelijkertijd kotsmisselijk bewust te laten doorlopen over de biënnale, maar ook door de sprookjesstad of nog verder richting het vliegveld of de trein en zelfs naar huis. Ik realiseer me net dat het niet de meest vrolijke column is, die ik heb geschreven, terwijl deze ook nog afsluitend is. Misschien dat dit het tot een “beter” einde kan brengen:
Dit was het dan: Nächstes Mahl nicht mehr.
–
komende expositie in Nederland:
Anouk Kruithof ‘Becoming Blue’ in museum het Domein Sittard, 26-9-2009 t/m 3/1/2010
Plaatsen/Stemmen op:
















Plaats een reactie
Maximaal 2000 tekens, 2000 tekens over.