De verzamelaar
| Vorige | Volgende |
16 juni 2011 »
Ik ontmoet Han Nefkens (Rotterdam 1954) in de lobby van Hotel de l’Europe in Amsterdam waar hij logeert als hij in Nederland is. Nefkens debuteerde in 1995 als schrijver met de semi-autobiografische roman ‘Bloedverwanten’ waarin hoofdpersoon Erik worstelt met het verleden en onbeantwoorde vragen aan zijn broer. In 2000 maakte hij opnieuw een debuut, ditmaal in de kunstwereld.
Op aanraden van een vriend begon hij kunst te verzamelen. Niet voor zichzelf, maar om zijn beleving te delen. De werken, ondergebracht in de H+F Collection, gaf hij in langdurig bruikleen aan diverse musea in binnen- en buitenland. Een unieke constructie. Hij ziet zijn collectie nauwelijks: “Af en toe op een opening.” Vijf jaar na de eerste aankoop vond ook de eerste overzichtstentoonstelling plaats. Tussendoor volgde een tentoonstelling met alleen fotografie in Huis Marseille. De tentoonstelling Han Nefkens: 10 jaar mecenas, die vanaf 25 juni 2011 in het museum Boijmans Van Beuningen te zien zal zijn, vormde de aanleiding voor een nieuwe aflevering van De Verzamelaar. De H+F Collection bevat naast fotografie ook schilderijen, sculpturen en installaties. Desondanks, of misschien wel dankzij, vonden we het aardig inzicht te verschaffen in hoe verzamelen voor een dergelijke collectie in zijn werk gaat.
Lise Lotte ten Voorde: Wanneer deed u uw eerste aankoop?
Han Nefkens: “Ik heb in 1999, na een jaar lezen, praten en veel zien, een aantal werken gekocht, maar het was niet tot ik in contact kwam met Sjarel Ex, toen directeur van het Centraal Museum in Utrecht, dat ik het plan opvatte mijn aankopen in bruikleen te geven aan zijn museum, mits het paste in hun collectiebeleid. Vanaf dat moment kon ik gaan nadenken over een heel andere omgeving voor de kunst dan mijn thuis. Ik hoefde geen rekening meer te houden met ruimtebeperkingen of hoeveelheden. Toen heb ik ook mijn eerste grote museale werk aangekocht: een video-installatie van Pipilotti Rist.

VERZAMELBELEID
U houdt geen ruggespraak voor u iets aankoopt. Een bijzondere positie.
“Het ligt natuurlijk een beetje aan welke projecten we hebben. Tot 2005 heb ik zelf werken gekocht en in bruikleen gegeven aan diverse musea. In 2005 heb ik met Museum Boijmans Van Beuningen het H+F Mecenaat in het leven geroepen waardoor we verschillende kunstenaars konden volgen en opdrachten geven. Toen verschoof het kopen van werken die er al zijn, naar het geven van opdrachten voor nieuwe werken.”
Volgt u een leidraad bij het verzamelen?
“Ik kocht op intuïtie, maar tijdens de eerste overzichtstentoonstelling zag ik natuurlijk wel een overeenkomst tussen de verschillende werken. Ze hadden allemaal een soort ingehouden kracht, poëzie, en er sprak vaak afwezigheid uit.”
Zoekt u daar tegenwoordig specifiek naar?
“Wanneer ik een werk zie dan spreekt me dat aan of niet. Op basis van dat gevoel ga ik nadenken over of het iets zou zijn voor de collectie. Is ook het andere werk van de kunstenaar goed? Ik verbind me aan dit werk, maar staat dat ook voor de rest van het oeuvre? Ik welk museum of in welke ruimte zou het passen? Pas als al die afwegingen zijn beantwoord koop ik een werk. Overigens ben ik wel degelijk een paar keer met Sjarel Ex op stap geweest om werk te kopen. Maar dat was niet zozeer ruggespraak als wel gezamenlijk.”
Streeft u een bepaalde compleetheid na?
“Ik geloof dat je bij een verzameling nooit van compleetheid kan spreken, want het gaat altijd door. Er is altijd meer, zeker met hedendaagse kunst omdat er steeds nieuw werk wordt gemaakt.”
Hoe ervaart u het contact met kunstenaars?
“In het begin had ik liever weinig contact met de kunstenaars omdat ik wilde kunnen kijken zonder beïnvloed te zijn door het idee dat die kunstenaar ontzettend aardig was, of juist niet. Nu ik samenwerk met kunstenaars ligt dat natuurlijk anders. Het is een verrijking om heel goed te kunnen zien hoe kunstenaars werken, wat hun twijfels zijn, hoe ze tot inzicht komen; de praktische kanten van het scheppende proces.”

DELEN
U bent een mecenas in de oude zin van het woord. Waarom niet een verzameling aangelegd om zelf van te genieten?
“Omdat ik van het begin af aan wist dat ik het gene wat mij aansprak ook wilde delen met andere mensen. Dat geeft je een speciaal genoegen, net als wanneer je een boek leest dat je goed vindt. Dan wil je het liefste dat de mensen om je heen datzelfde boek lezen. Niet eens zozeer omdat je daar nou uitgebreid met ze over wil praten, maar om het gevoel dat het boek bij je heeft opgewekt te delen. Precies hetzelfde heb ik met de kunst. Daarom is het belangrijk dat die werken publiekelijk te zien zijn.”
Waar komt die sterke behoefte om te delen vandaan?
Ik heb geleerd dat delen het meest effectieve tegengif is tegen de eenzaamheid die we als mensen allemaal voelen.
Is er een werk dat echt uw hart heeft?
“Dat vind ik een beetje moeilijk om te zeggen. Dat zou als verraad van al die andere werken voelen. Maar vooruit: Notion Motion van Olafur Eliasson heeft een enorme kwaliteit en kracht, terwijl het zo simpel is: water, schijnwerpers en wat hout. Het zien daarvan bracht een zekere opgewondenheid teweeg.” Na een korte stilte: “Ik kan zo door iets geraakt worden dat het bijna fysiek is. Als dat gevoel zo sterk is wil ik me op de een of andere manier aan dat werk verbinden.“
FOTOGRAFISCHE GEDAANTE
Alex de Vries schrijft: ‘Kenmerkend voor het werk dat hij aankoopt is de fotografische gedaante ervan, ook als fotografie niet het medium is waarin de kunstenaar werkt.’ Kunt u dat uitleggen?
“Wat hij bedoelt is dat ik veel foto’s in mijn verzameling heb waarvan je zou kunnen zeggen dat het schilderijen hadden kunnen zijn door een zekere abstractie. De vlakverdeling is heel erg belangrijk, net als kleur. Ik heb schilderijen die foto’s zouden kunnen zijn om precies dezelfde redenen. Dat is blijkbaar een zekere esthetiek die mij aanspreekt.”
Zit die fotografische gedaante ook in het werk van Olafur Eliasson?
“Dat werk is héél fotografisch. Je hebt bijvoorbeeld een sponsje dat in het water wordt gedompeld en vlak daarvoor of daarna, dat het even stil is, is het beeld precies een foto. Water heeft natuurlijk sowieso een fotografische kwaliteit. Alleen al doordat het weerspiegelt.”
DE MECENAS HEEFT DE TOEKOMST
U koopt werken speciaal voor musea en tentoonstellingen. In een tijd van afnemende subsidies zou zo’n constructie een belangrijk alternatief kunnen zijn. Hoe ziet u dat?
Nefkens steekt gepassioneerd van wal, enige agitatie in zijn stem: “Vooropgesteld vind ik het korten van de subsidies zeer ondoordacht. Veel kunstinstellingen zitten plots in grote moeilijkheden omdat ze aanzienlijk minder geld krijgen. Ik begrijp dat er gekort moet worden, maar dat kan toch ook na overleg met de betreffende? Het is waar dat er veel over de rol van mecenassen wordt gesproken omdat er geen andere mogelijkheden zijn. Het zou heel fijn zijn als meer particulieren zich betrokken zouden voelen bij kunst.”
Zou u een rol kunnen spelen in het enthousiasmeren van andere mecenassen?
“Dat doe ik door te spreken op symposia en in interviews. Maar het beste dat ik kan doen is mijn gang gaan en als voorbeeld dienen.”
Wat maakt kunst zo de moeite waard?
“Kunst biedt ons de mogelijkheid om op een metaforische wijze naar de wereld en onszelf te kijken. Kunst kan ook een bindende factor zijn. Uit een Engelse studie bleek dat naar kunst kijken hetzelfde gevoel oproept als wanneer je verliefd bent. Alleen al om dat goede gevoel is kunst de moeite waard.”
–
De H+F Collectie is online te bekijken: www.hfcollection.org
De tentoonstelling Han Nefkens: 10 jaar mecenas is van 25 juni t/m 2 oktober te zien in museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam.
Plaatsen/Stemmen op:
















Plaats een reactie
Maximaal 2000 tekens, 2000 tekens over.