zaterdag 11 februari 2012 De verbindende schakel in fotografie
De verzamelaar
Vorige Volgende
19 december 2009 »
door Lise Lotte ten Voorde

Erik Kessels (1966) is niet alleen medeoprichter van het eigenzinnige reclamebureau KesselsKramer, maar ook gepassioneerd fotoverzamelaar. Begin december 2009 interviewde ik deze Nederlandse goeroe van de gevonden fotografie én één van de weinige verzamelaars wiens collectie (bijna) uitsluitend is opgebouwd uit fotografie die niet gemaakt is met het doel ooit in een boek of aan een muur te verschijnen.

 “Ik koop ook wel werk van fotografen of kunstenaars, maar daar zit nooit een idee achter. Ik koop het omdat het in mijn hoofd is blijven zitten, omdat ik mooi vind. Een aantal jaar kocht ik veel, maar nu is het minder omdat ik het niet meer kon ophangen en ik zo weinig mogelijk wil wisselen. Wat ik heb gekocht wil ik ook wel echt zien; het is niet bedoeld om te recyclen.”
 
Streef je een bepaald soort compleetheid na?
“Een verzamelaar in de strikte zin van het woord ben ik niet. Wanneer er een soort compleetheid ontstaat, gaat de lol er - voor mij - vanaf. Dan wordt het een dood iets.” Gelukkig voor Kessels zit er voorlopig geen einde aan het gevonden beeld. Het zou niet te doen zijn om, al was het maar deels, zo’n grote en ongeordende steeds aanwassende hoeveelheid beeld in kaart te brengen. Dat is dan ook zijn ambitie niet. Al zijn materiaal is opgeslagen in een grote loods, waar hij regelmatig naartoe gaat om te bladeren. “De dingen die ik goed vind heb ik in mijn hoofd zitten, maar dieper in de kisten zit natuurlijk nog veel meer. Ik heb albums gekocht waar ik alleen even in heb gebladerd, maar soms dat niet eens. Dan kocht ik ze omdat het goedkoop was. Wat ik merk is dat sommige thema’s vaker terugkomen: stellen die elkaar afwisselend op dezelfde plek fotograferen, gezinnen op vakantie, dat soort dingen. Ik haal er dan de beste uit en dat gebruik ik.”
 
Blijft je ‘verzameling’ wel aangroeien?
“Ik ben wel graag op een plek waar ik dat soort dingen kan vinden natuurlijk; markten, internet. Maar ik zal niet gauw voor heel veel geld iets kopen. Het moet een beetje een hobby blijven. Het gaat me niet letterlijk om het verzamelen. Dat klinkt een beetje gek, want ik verzamel eigenlijk heel veel, maar ik zie het meer als een soort leerproces, een ontwikkeling. Wat ik tien jaar geleden heel goed vond, daar vind ik nu niets meer aan. Dat is ook op andere vlakken zo.
 
 
Misschien doe ik over een jaar wel iets heel anders, verveelt het me. Na die documentaire (‘De kijk van Kessels’ van Simone de Vries) is het bovendien een stuk minder anoniem geworden. Het was wachten op telefoontjes van mensen die mij nu zien als een soort specialist op het gebied van gevonden beeld. Maar daar gaat het mij helemaal niet om. Het gaat me om het spannende dat je af en toe in die beelden vindt. Iets wat net zo goed in het werk van een professionele fotograaf kan zitten.”
 
Maak je onder andere boeken om wat je hebt in kaart te brengen?
“Ja, dat is wel een mooie manier om de hoogtepunten naar boven te halen en die te presenteren. Er zitten ook nog dingen in mijn hoofd die ik nog niet gebruikt heb. Na ‘In almost every picture #1’ ben ik zeker nog 100 voorbeelden tegengekomen met precies hetzelfde thema. Maar door de hoogtepunten te presenteren kader je wel bepaalde gebieden binnen die verzameling af en sluit je uit dat die nog een keer aan bod komen.” Een enkele uitzondering daargelaten: “Op het moment ben ik voor NRC bezig met een vakantiespecial en daarvoor gebruik ik dat materiaal ook. Dan duik ik opnieuw de loods in om te graven naar bruikbare beelden. Het fenomeen van die stellen uit ‘Couples’ bijvoorbeeld, komt dan wel nog een keer voorbij. Voor Vrij Nederland schrijf ik ook elke week over een foto die uit die dozen komt. Eigenlijk gebruik en zie ik het meer als een beeldbank dan als een verzameling.”
 
In de documentaire zeg je dat je hoopt mensen anders te kunnen laten kijken. Is dat echt een belangrijke overweging of meer een fijne bijkomstigheid?
“In mijn werk als reclamemaker en vormgever is dat wel belangrijk. Het is een manier om op te vallen, om mensen naar iets te laten kijken waar ze anders aan voorbij zouden kunnen gaan. Het heeft ook te maken met dingen die ik zelf leuk vind. Een paar weken geleden zag ik een serie foto’s van albatrossen die gestorven zijn aan de hoeveelheid plastic die ze binnen hebben gekregen. Op die foto zie je die karkassen liggen met in het midden een keurig hoopje gekleurd plastic. Dat is heel mooi, heel esthetisch, maar ook een drama. Dat soort dingen fascineert me.”
 
 
Hoe is het eigenlijk begonnen?
“Het heeft heel veel te maken met mijn werk. Ik ben heel veel met beeld bezig dus als je dan in een weekend een keer op een markt beland en je ziet daar beeld liggen, dan ga je daar eigenlijk mee door. Ik kocht in 1998 op een rommelmarkt in Barcelona zo’n 400 dia’s voor een tientje. Op bijna al die dia’s stond dezelfde vrouw. Pas thuis kwam ik erachter wat het was; dat het interessant genoeg was om een boek mee te maken. (‘In almost every picture#1’) Dat was wel nadat het eerst een paar jaar in de kast had gestaan en ik het aan een aantal mensen had laten zien. “
 
Had je op dat moment kunnen bedenken dat er nog zoveel meer boeken zouden volgen?
“Nee, dat is gewoon gebeurd. Het is ook niet gepland; er móet niet een aantal titels per jaar verschijnen.” Het was wel hard werken om zover te komen. “De serie ‘In almost every picture’ en ook ‘Useful Photography’ (Een reeks publicaties met foto’s uit bijvoorbeeld advertenties, reisgidsen en van veilingsites; fotografie met een duidelijk doel) waren beide onder gebracht bij een uitgever die tot twee keer toe failliet is gegaan. Dat, plus het feit dat het proces met uitgevers vaak toch al moeizaam is en dan ook nog een titel die niet erg middle of the road is, heeft ons doen besluiten dat we het zelf wilden gaan doen. Nu maken we dummies en kijken we of distributeurs daarin geïnteresseerd zijn.” Maar ook dat is niet altijd een garantie op succes. “Voor het boekje met die chauffeur (‘In almost every picture #2’) was in eerste instantie ook geen animo, dat heeft twee jaar als dummy op mijn bureau gelegen. Ik vind dat niet erg, als er in de markt geen vraag naar is, dan moet je het niet doen. “
 
 
Hoe kan je verklaren dat ze nu toch zo succesvol zijn?
“Dat heeft onder andere te maken met het feit dat we gewoon zijn doorgegaan en dat er een aantal lijnen zijn. ‘In almost every picture’ heeft nu acht titels en ook ‘Useful photography’ heeft er inmiddels negen. Het is belangrijk dat je een beetje bouwt aan je oeuvre en je naam als uitgever.“ Op de vraag of de populariteit van gevonden fotografie hem helpt of juist tegenwerkt, reageert Kessels een beetje gepikeerd. “Het maakt me niet uit of het in is of niet, bij mij is het heel intuïtief gekomen. Ik ben ook al jaren geïnteresseerd in het werk van Christian Boltanski en in hoe hij een soort andere werkelijkheden creëert met behulp van gevonden beeld. Dat inspireert me. Maar om je vraag te beantwoorden: door de interviews die ik af en toe doe en de documentaire natuurlijk, krijg ik nu soms dingen aangeboden of opgestuurd. Zoals een oude vrouw in Den Haag die 80 albums in haar flat heeft staan die ik mag hebben als ze dood is. Best een beetje merkwaardig.”
 
Kessels staat niet alleen in zijn fascinatie voor het gevonden beeld. Dat merkt hij bijvoorbeeld aan de hoeveelheid internationale collega’s die zich met het fenomeen bezighouden: “Ik heb contact met mensen die met hetzelfde fenomeen bezig zijn. Zoals Joachim Schmid in Berlijn, Martin Parr in Engeland, Hans Aarsman hier in Nederland. Wij sturen elkaar dingen, wijzen elkaar er op, praten erover. Joachim Schmid zegt ‘Er is zoveel bestaand beeld, waarom zou je dat niet allemaal opgebruiken voor je weer nieuw beeld maakt.’”
 
“Kijk, Uiteindelijk is het voor mij als een groot ideeënboek dat dient ter ondersteuning van mijn werk. Ik probeer het altijd een beetje anders te doen dan wordt verwacht.”
 
 

 
De genoemde publicaties zijn te vinden op www.kesselskramerpublishing.com.
 
De documentaire ‘De kijk van Kessels’ van Simone de Vries is terug te kijken bij Holland Doc
 
 
 
 
 
Plaatsen/Stemmen op:  
 
Archief
© 2008 - 2012 PhotoQ | Contact | Colofon | Development by IDCA Technologies